|
|
 |
| |
 |
Particulier - Pensioen
|
|
Pensioen bestaat in principe uit AOW, werknemerspensioen en wat u zelf aan
pensioenaanvulling heeft geregeld. Het is niet meer vanzelfsprekend dat de AOW
en het werknemerspensioen voldoende zijn voor uw inkomen na uw 65e levensjaar.
Weinig bedrijven kennen nog een pensioenregeling waarbij u – samen met de AOW –
recht heeft op 70% van het laatst verdiende loon. Tegenwoordig zult u zelf voor
een groot deel van uw pensioen moeten zorgen.
AOW-Pensioen
De AOW (Algemene Ouderdomswet) is een basispensioen voor mensen die 65 jaar of
ouder zijn. Daarnaast ken de AOW een toeslag voor partners jonger dan 65 jaar,
die geen of weinig inkomsten hebben.
| |
Iedereen die in Nederland woont, is meestal automatisch verzekerd voor de AOW.
Het maakt niet uit welke nationaliteit u heeft en ook niet of u wel of niet
heeft gewerkt. Ieder verzekerd jaar levert u 2% AOW-pensioen op. U krijgt een
volledig AOW-pensioen als u van uw 15e tot uw 65e levensjaar verzekerd bent
geweest. Voor elk jaar dat u niet verzekerd bent, gaat er 2 % van uw
AOW-pensioen af. Meestal bent u niet verzekerd als u buiten Nederland heeft
gewoond of gewerkt.
Uw woonsituatie bepaalt welke soort AOW-pensioen u krijgt. Met woonsituatie
bedoelen we of u alleen woont of met iemand anders. De AOW kent
pensioenbedragen voor alleenstaanden, alleenstaande ouders en gehuwden.
De AOW maakt geen onderscheid tussen gehuwden, mensen met een geregistreerd
partnerschap en ongehuwden die een gezamenlijke huishouding met iemand anders
voeren. U voert een gezamenlijke huishouding als u met een andere meerderjarige
persoon een woning deelt en allebei een bijdrage levert in de kosten van de
gezamenlijke huishouding of op andere wijze voor elkaar zorgt.
|
Uw werknemerspensioen
De tweede laag van het pensioen wordt verzorgd door de pensioenregeling via uw
werkgever. De werkgever kan de pensioenregeling ondergebracht hebben bij een
pensioenfonds of bij een verzekeraar. Bij sommige werkgevers is het mogelijk
zelf bij te sparen voor uw pensioen.
| |
Pensioenoverdracht
Het aanvragen van een waardeoverdracht verloopt in zes stappen.
Stap 1: U richt een informatieverzoek waardeoverdracht aan uw werkgever. Uw
werkgever zorgt voor de verzending van het verzoek aan de desbetreffende
maatschappij.
Stap 2: Uw maatschappij vraagt vervolgens de waarde van uw oude pensioen op bij
de vorige pensioenuitvoerder.
Stap 3: Uw vorige pensioenuitvoerder verstrekt de gegevens over uw oude
pensioen.
Stap 4: Uw maatschappij brengt aan u een offerte uit.
Stap 5: U bepaalt of u akkoord gaat met de offerte.
Stap 6: Bij akkoord van de offerte maakt uw vorige pensioenuitvoerder na
ontvangst van de akkoordverklaring de overdrachtswaarde over naar uw
maatschappij.
Afkoop pensioen
Een pensioenuitkering die op jaarbasis minder bedraagt dan Euro 400,- (2007)
mag bij ingangsdatum van het pensioen worden afgekocht. Bij emigratie is het
dubbele bedrag van toepassing. |
Lijfrenteverzekering
Een lijfrenteverzekering is een levensverzekering die bedoeld is als
(aanvullende) pensioenvoorziening. Bij een lijfrenteverzekering wordt een
kapitaal opgebouwd (gespaard of belegd) als (aanvullend) pensioen. Op de
afgesproken einddatum komt de verzekering tot uitkering. De ingegane
lijfrenteverzekering voorziet in een periodieke uitkering. Onder bepaalde
voorwaarden zijn de betaalde premies fiscaal aftrekbaar. De uitkering is in dat
geval wel belast.
| |
En wat moet u doen als uw lijfrente tot uitkering komt?
U hebt door het storten van een of meerdere koopsommen of door periodiek
premies te betalen een lijfrente kapitaal opgebouwd. Dit lijfrentekapitaal komt
nu tot uitkering (of zoals dit in vaktermen heet: de polis expireert). Er komen
dan vragen zoals:
-
Moet ik de uitkering meteen laten ingaan of kan ik nog enige tijd wachten?
-
Moet ik de uitkering bij dezelfde verzekeraar nemen waar ik de polis heb lopen?
-
Hoe zit het met de fiscale aspecten?
-
Welke soort uitkeringen bestaan er?
Meestal kun u enige tijd wachten met het laten ingaan van de uitkering. U bent
niet verplicht de uitkering bij dezelfde verzekeraar te nemen waar u de polis
hebt afgesloten. Vanzelfsprekend zijn wij u behulpzaam bij het uitzoeken van
een voor u gunstige aanbieding. Over de uitkeringen wordt inkomstenbelasting
berekend. Om die reden houden de verzekeraars over uitkering reeds loonheffing
in, welke naderhand met de inkomstenbelasting wordt verrekend.
Mogelijke uitkeringvormen zijn:
Oudedagslijfrente
De uitkering eindigt bij overlijden van de belastingplichtige. De uitkering
moet uiterlijk ingaan als de belastingplichtige de leeftijd van 70 jaar heeft
bereikt. De termijnen van de Oudedagslijfrente mogen bij het overlijden van de
partner dalen tot 70% van het oorspronkelijke bedrag. Dit moet wel zijn
overeengekomen bij het aangaan van de verzekering.
Tijdelijke oudedagslijfrente
Deze uitkering gaat in op 65-jarige leeftijd of de pensioendatum. De uitkering
moet uiterlijk ingaan als de belastingplichtige de leeftijd van 70 jaar heeft
bereikt. De minimale looptijd van deze uitkering is 5 jaar.
Overbruggingslijfrente
Deze uitkering is alleen voor de belastingplichtige zelf. De uikering eindigt
bij ingangsdatum pensioen of op 65-jarige leeftijd.
Nabestaandenlijfrente
De uitkering gaat in bij het overlijden van de belastingplichtige, van zijn
echtgenote of samenlevende partner. De uitkering eindigt als de begunstigde
overlijdt. Als de begunstigde een bloed- of aanverwant in de rechte lijn of in
de tweede of derde graad zijlijn is, eindigt de uitkering als de begunstigde de
leeftijd van 30 jaar heeft bereikt.
|
Pensioentekort
Driekwart van de werkende bevolking heeft pensioentekort
Men gaat ervan uit dat een pensioen ter hoogte van 70% van het laatstgenoten
loon, een redelijk pensioen is. Nu lijkt 70% niet erg veel, maar aangezien men
na het 65e levensjaar minder inkomstenbelasting en premies volksverzekeringen
betaalt, is het netto verschil met het laatstgenoten loon duidelijk minder. De
genoemde 70% zijn inclusief de AOW uitkering. Maar driekwart heeft straks
echter minder dan die 70%! Waardoor wordt dit veroorzaakt?
Een aantal oorzaken van het pensioentekort zijn:
-
Men heeft kortere of langere tijd in het buitenland gewerkt
-
Men was werkzaam bij een of meerdere werkgevers welke geen of een slechte
pensioenvoorziening voor hun werknemers hadden
-
Men heeft een of meerdere keren van werkgever gewisseld
-
Men wilt eerder stoppen met werken
-
Men heeft auto van de zaak, u maakt veel betaalde overuren of ontving veel
onkostenvergoedingen
-
Men is geboren na 1 januari 1950 en de (huwelijks) partner is jonger
Dit betekent dat als de 65-jarige leeftijd is bereikt, men geen volledige AOW
uitkering krijgt. Dit noemt men het AOW-gat. Hoe groter het leeftijdsverschil
hoe groter het AOW-gat. In 2015 zullen de eerste AOW-gerechtigden hiermee te
maken krijgen.
Vanzelfsprekend zijn wij graag bereid om samen met u na te gaan welke
maatregelen u kunt treffen om te voorkomen dat u straks geconfronteerd wordt
met een pensioentekort.
Ook zijn wij bereid de fiscale aspecten eens samen met u door te nemen en u
hierin te adviseren.
|
|
|
|
|
|